De sneeuwruimer rijdt langzaam of vertraagt de snelheid.
Stel de spanning af van de kabel voor inschakeling van de aandrijving.
⚠️WAARSCHUWING: Om onbedoeld starten te voorkomen, stopt u de motor en verwijdert u de ON/OFF-sleutel. Controleer of de vijzel, het schoepenrad en alle andere bewegende delen volledig tot stilstand zijn gekomen. Koppel de bougiekabel los en leg de kabel uit de buurt van de bougie.
De spanning van de kabel voor inschakeling van de aandrijving moet worden verhoogd als de aandrijving niet wordt ingeschakeld wanneer u de hendel voor inschakeling van de aandrijving ingedrukt houdt. De spanning van de kabel voor inschakeling van de aandrijving moet worden verlaagd als het product niet onmiddellijk stopt wanneer u de hendel voor inschakeling van de aandrijving loslaat.
⚠️WAARSCHUWING: Zorg dat de kabel voor inschakeling van de aandrijving niet te strak is gespannen. Te veel spanning kan ertoe leiden dat het product beweegt wanneer u de hendel voor inschakeling van de aandrijving niet indrukt. Er kan ernstig letsel en/of schade aan het product optreden als het product zonder bediener naar voren beweegt.
1. Houd de stelschroef (A) op zijn plaats en draai de borgmoer (B) los.
2. Stel de spanning af van de kabel voor inschakeling van de aandrijving.
a) Draai de stelschroef (A) rechtsom om de spanning van de kabel voor inschakeling van de aandrijving te verhogen.
b) Draai de stelschroef (A) linksom om de spanning van de kabel voor inschakeling van de aandrijving te verlagen.
3. Houd de stelschroef (A) op zijn plaats en draai de borgmoer (A) vast.
4. Start de motor.
5. Zet de bedieningshendel voor de rijsnelheid omhoog vanuit de
middelste stand.
6. Houd de hendel voor inschakeling van de aandrijving ingedrukt om de aandrijving te starten. Controleer of het product vooruit beweegt.
7. Laat de hendel voor inschakeling van de aandrijving los. Controleer of de aandrijving wordt uitgeschakeld en het product onmiddellijk stopt.